| REGISTER |
| Registernummer | 3.501.017 |
| INLEIDING |
| |  |
| | Foto: Frank van den Boogert |
| Objectaanduiding | Bedford OWLD - Allan / BBA 176 |
| Categorie/klasse | Autobussen |
| Soort object | Benzinebus |
| Type | Streekbus
|
Serie | 157-179 |
Merk | Bedford |
| Bouwjaar | 1945 |
| Ontwerper(s) | Chassis: Bedford
Carrosserie: Allan
|
| Producent(en) | Chassis: Bedford (Luton, Groot-Brittannië)
Carrosserie: Allan (Rotterdam)
|
| Gebruiker(s) | Brabantsche Buurtspoorwegen en Autodiensten (BBA), Breda |
Periode gebruik | van 1946 tot en met 1957 |
| Regio gebruik | Noord-Brabant |
| Opmerkingen inleiding | Kenteken: NB-33-35, provinciaal nummer N-67164 |
| BESCHRIJVING |
| Functie | Personenvervoer (streekvervoer) |
| Techniek | Motor: 6-cylinder benzinemotor
Versnellingsbak: handgeschakeld
Remsysteem: hydraulisch
Capaciteit: 31 zitplaatsen
|
| Bouwwijze | Stalen chassis met aparte carrosserie, bestaande uit een metalen framewerk met metalen beplating |
| Vorm | Frontstuurbus met een eenvoudige en vrij rechthoekige opbouw en een enkele in-/uitstapdeur. Zitplaatsen op twee rijen dubbele dwarsbanken.
Kleuren: bruin met zwarte spatborden, brede zwarte band en bedrijfsnaam voluit in gouden letters (volgens de toenmalige BBA-huisstijl)
|
| Opmerkingen beschrijving | Dit van oorsprong Engelse voertuig heeft het stuur rechts. |
| GESCHIEDENIS |
| Geschiedenis | Tijdens de Tweede Wereldoorlog was een groot deel van de Nederlandse autobussen over de oostgrens verdwenen en van de resterende exemplaren verkeerde de meeste in deplorabele staat. Om het personenvervoer over de weg weer op gang te brengen, werden na de bevrijding op grote schaal zogenoemde noodbussen ingezet. Dit waren meestal (leger)vrachtwagens, die op eenvoudige wijze werden aangepast voor personenvervoer. Ook het Engelse merk Bedford was daarbij ruim vertegenwoordigd, met naar schatting zo'n 500 stuks.
Een deel van de Bedfords werd echter niet als noodbus gebruikt, maar kreeg meteen een "echte" autobuscarrosserie. De voor de BBA gebouwde serie 157-179, die werd opgebouwd door de firma Allan uit Rotterdam, was daar een voorbeeld van. Zij het wel een opvallend voorbeeld, omdat er in tegenstelling tot de meeste bussen, die op basis van deze Bedfords werden gebouwd, sprake was van een wel heel ingrijpende verbouwing. Het oorspronkelijke (vrachtwagen)chassis was gebouwd in normaalstuur uitvoering, maar Allan maakte er een zogenoemde frontstuurbus van. De stuurkolom werd hierbij min of meer rechtop gezet, waardoor de chauffeur naast de motor kwam te zitten. Deze "ombouwmethode" werd ook door andere carrosseriebedrijven toegepast.
Samen met zijn soortgenoten deed de bus dienst op de verschillende interlokale lijnen van de BBA en naar het schijnt werd dit type bus incidenteel ook wel voor toerritten gebruikt. Na zo'n elf jaar trouwe dienst werd de bus afgevoerd en uiteindelijk kwam hij terecht bij een verzamelaar van oude bussen. Van de plannen van deze persoon om zijn "oldtimers" op termijn allemaal te restaureren kwam helaas niets terecht. De meeste bussen stonden in de open lucht en uiteraard werd de conditie van de voertuigen daar niet beter van.
Nadat er over het voormalige BBA-busje al eerder contacten waren geweest met deze nieuwe eigenaar, resulteerde dit er eind 1993/begin 1994 in dat de wagen door een particulier werd aangekocht. Hierna werd hij overgedragen aan de SVA, met de werkgroep Brabant als beheerder.
Uitvoerig onderzoek heeft uitgewezen dat, hoewel de bus in slechte staat verkeert, restauratie een haalbare zaak is. Belangrijk daarbij is dat bijvoorbeeld het interieur nog min of meer compleet aanwezig is. Het is overigens wel duidelijk dat deze een langdurige zaak zal worden, waarvoor veel steun nodig zal zijn. Maar uiteindelijk zal ook dit voertuig ooit weer in zijn oude glorie zijn hersteld.
|
| ILLUSTRATIES |
| Additioneel beeld 1 |  Seriegenoot 163 (foto: Jan Voerman, collectie SVA) |
| Additioneel beeld 2 | Niet ingevoerd |
| MEER INFORMATIE |
| Informatie bij/via | Stichting Veteraan Autobussen |
| Bronnen | * M. Wallast: Autobussen in Nederland (Rijswijk, 1987)
* A. Earnshaw: Bedford Buses Of The 1930s & '40s (Trans-Pennine Publishing Ltd, GB, 2000)
* F. Lestrade: 50 jaar Bedford 1931-1981 (gepubliceerd in de jaargang 1981 van het tijdschrift "Autobuskroniek")
* W.J.M. Leideritz:
- De tramwegen van Noord-Brabant (Leiden, 1978)
- Oorsprong en ontwikkeling van een Brabants vervoerbedrijf (Breda, 1970)
- De BBA 50 jaar 1934-1984 (Breda, 1984)
* De Nederlandse streekvervoerbedrijven met hun tramwegen en autobusdiensten alsmede hun toerwagenbedrijven (Amsterdam, 1956): pag. 109.
* Jubileumnummers van BBA-nieuws (Breda, 1950 en 1955). |
| Externe links | Stichting Veteraan Autobussen |
| HUIDIGE EIGENDOM |
| Soort eigendom | Behoudsorganisatie |
| Naam organisatie | Stichting Veteraan Autobussen (SVA) |
| WAARDESTELLING |
| Cultuurhistorische waarde |
| Status | A |
| Motivatie | Culturele biografie
► Historische context
De tweede wereldoorlog had in Nederland vrijwel geen bus meer overgelaten. Ze waren weggevoerd, gestolen, ernstig beschadigd of eenvoudig opgereden door gebrek aan onderhoud en/of door overbelasting. De bedrijfstak 'openbaar vervoer' stond voor de noodzaak het materieelpark van de grond af aan op te bouwen en bij voorkeur zo snel mogelijk. Het materieel dat beschikbaar was bestond uit gebruikte ( bijna uitsluitend) legervoertuigen. Vaak werd de aanwezige opbouw, al dan niet inclusief cabine, verwijderd en vervangen door een zeer eenvoudige noodopbouw om reizigers te kunnen vervoeren.
►Type
Bij de voor de BBA gebouwde serie bussen nrs. 157 - 179 ging men wel uit van een bestaand legerwagenchassis, maar dit werd door de firma Allan ingrijpend aangepast en voorzien van een echte autobuscarrosserie. De besturing werd gewijzigd van normaalstuur naar frontstuur, waardoor de chauffeur naast de motor kwam te zitten, maar de (Engelse) rechtse besturing bleef gehandhaafd. Door deze positie was een instap voor de vooras niet mogelijk en om toch eenmansbediening te kunnen toepassen werd de in/uitstapdeur (klapdeur) half na, half boven de vooras gepositioneerd. De reiziger stapte dan direct achter de chauffeur in. Er was geen aparte chauffeurscabine.
► Object
Direct na de oorlog werden noodbussen gecreëerd door aanwezige (vrijwel altijd leger- en aanverwante) voertuigen met eenvoudige middelen min of meer geschikt te maken voor het vervoer van reizigers. De BBA 176 behoort tot de categorie die daar direct na kwam: er werd wel gebruik gemaakt van een legerchassis, maar dat werd vrij ingrijpend aangepast en er werd een echte busopbouw op geplaatst.
► Object als erfgoed
De BBA 176 is het enig overgebleven voertuig met het concept: echte busopbouw op een aangepast legerwagenchassis.
Representatiewaarde
► Schakelwaarde
Het object representeert het weer op gang brengen van het personenvervoer na de tweede wereldoorlog. Nog wel met gebruikmaking van beschikbare legerwagenchassis, maar wel met een echte autobusopbouw. Deze opbouw representeert het zoeken naar een geschikte indeling van de bussen. De reizigersstroom moest vanwege de eenmansbediening langs de chauffeur worden geleid, maar het beschikbare chassis liet nog geen instap voor de vooras toe. Vandaar de plaatsing van de instapdeur direct achter de vooras.
► IJkwaarde
Het object staat model voor de wil om met beperkte middelen het autobusvervoer weer op gang te brengen. Dat leidde in dit geval tot een wat curieus model dat niettemin een echte bus was. Er zijn niet veel wagens van dit type geweest.
► Symboolwaarde
Het object is nauw verbonden met het langzaam weer op gang komen van het busvervoer na de oorlog waarbij met beperkte middelen geïmproviseerd moest worden.
Zeldzaamheid
Er zijn weinig bussen van dit type geweest en daar is er nog één van over.
Staat van het object
Het object verkeert in slechte staat en vergt complete restauratie.
Ensemblewaarde
Niet van toepassing
Presentatiepotentieel
Wanneer het object eenmaal gerestaureerd zal zijn zal het presentatiepotentieel als representant van het improvisatietijdperk vrij hoog zijn.
Cultuurhistorische waarde
De BBA 176 staat symbool voor het op gang komen van de opbouw van Nederland. Er werd gebruik gemaakt van aanwezige chassis, maar die werden ingrijpend aangepast en er werd een echte busopbouw op geplaatst. Het object is de enig overgebleven vertegenwoordiger van deze generatie in de sector openbaar vervoer. Daarom is de historische betekenis zeer groot.
|
| Waardering door | Commissie |
| Opmerkingen | |
| Authenticiteit |
| Status | |
| Motivatie | |
| Waardering door | Commissie |
| Opmerkingen | |